NL: misnoegenSynoniemen: irritatie, onbehagen, ongenoegen, ontevredenheid, onvrede, ergernis, aanstoot, wrevel, verdrieten, onbehaaglijkheid, onaangenaamheid, onmin
EN: the dissatisfaction, the discontent, the displeasure, the discord
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
misnoegd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik misnoeg jij misnoegt hij misnoegt wij misnoegen jullie misnoegen zij misnoegen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb misnoegd jij hebt misnoegd hij heeft misnoegd wij hebben misnoegd jullie hebben misnoegd zij hebben misnoegd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik misnoegde jij misnoegde hij misnoegde wij misnoegden jullie misnoegden zij misnoegden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had misnoegd jij had misnoegd hij had misnoegd wij hadden misnoegd jullie hadden misnoegd zij hadden misnoegd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal misnoegen jij zult misnoegen hij zal misnoegen wij zullen misnoegen jullie zullen misnoegen zij zullen misnoegen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal misnoegd hebben jij zult misnoegd hebben hij zal misnoegd hebben wij zullen misnoegd hebben jullie zullen misnoegd hebben zij zullen misnoegd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou misnoegen jij zou misnoegen hij zou misnoegen wij zouden misnoegen jullie zouden misnoegen zij zouden misnoegen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou misnoegd hebben jij zou misnoegd hebben hij zou misnoegd hebben wij zouden misnoegd hebben jullie zouden misnoegd hebben zij zouden misnoegd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
misnoeg
|