NL: mediterenSynoniemen: overpeinzen
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gemediteerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik mediteer jij mediteert hij mediteert wij mediteren jullie mediteren zij mediteren
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gemediteerd jij hebt gemediteerd hij heeft gemediteerd wij hebben gemediteerd jullie hebben gemediteerd zij hebben gemediteerd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik mediteerde jij mediteerde hij mediteerde wij mediteerden jullie mediteerden zij mediteerden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gemediteerd jij had gemediteerd hij had gemediteerd wij hadden gemediteerd jullie hadden gemediteerd zij hadden gemediteerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal mediteren jij zult mediteren hij zal mediteren wij zullen mediteren jullie zullen mediteren zij zullen mediteren
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gemediteerd hebben jij zult gemediteerd hebben hij zal gemediteerd hebben wij zullen gemediteerd hebben jullie zullen gemediteerd hebben zij zullen gemediteerd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou mediteren jij zou mediteren hij zou mediteren wij zouden mediteren jullie zouden mediteren zij zouden mediteren
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gemediteerd hebben jij zou gemediteerd hebben hij zou gemediteerd hebben wij zouden gemediteerd hebben jullie zouden gemediteerd hebben zij zouden gemediteerd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
mediteer
|