Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

markeren vervoegen




NL: markeren
Synoniemen: aanduiden, afzetten, brandmerken, merken, inbranden, branden

DE: markeren (brandmerken): markieren, kennzeichnen, stigmatisieren, einbrennen, brandmarken
EN: markeren (brandmerken): mark, burn, stigmatize, brand
ES: markeren (brandmerken): estigmatizar
FR: markeren (brandmerken): marquer, torréfier, brûler, incendier, stigmatiser, typer, distiller, marquer d'un trait, munir de stigmates

U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gemarkeerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik markeer
jij markeert
hij markeert
wij markeren
jullie markeren
zij markeren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gemarkeerd
jij hebt gemarkeerd
hij heeft gemarkeerd
wij hebben gemarkeerd
jullie hebben gemarkeerd
zij hebben gemarkeerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik markeerde
jij markeerde
hij markeerde
wij markeerden
jullie markeerden
zij markeerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gemarkeerd
jij had gemarkeerd
hij had gemarkeerd
wij hadden gemarkeerd
jullie hadden gemarkeerd
zij hadden gemarkeerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal markeren
jij zult markeren
hij zal markeren
wij zullen markeren
jullie zullen markeren
zij zullen markeren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gemarkeerd hebben
jij zult gemarkeerd hebben
hij zal gemarkeerd hebben
wij zullen gemarkeerd hebben
jullie zullen gemarkeerd hebben
zij zullen gemarkeerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou markeren
jij zou markeren
hij zou markeren
wij zouden markeren
jullie zouden markeren
zij zouden markeren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gemarkeerd hebben
jij zou gemarkeerd hebben
hij zou gemarkeerd hebben
wij zouden gemarkeerd hebben
jullie zouden gemarkeerd hebben
zij zouden gemarkeerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
markeer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/markeren

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Duitse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Engelse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Franse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Spaanse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Vervoegen

avoir être willen send sein
© Mijnwoordenboek MMXI | Contact | Privacy | Vaakst vertaald