Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

mangelen vervoegen




NL: mangelen

U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gemangeld
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik mangel
jij mangelt
hij mangelt
wij mangelen
jullie mangelen
zij mangelen
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gemangeld
jij hebt gemangeld
hij heeft gemangeld
wij hebben gemangeld
jullie hebben gemangeld
zij hebben gemangeld
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik mangelde
jij mangelde
hij mangelde
wij mangelden
jullie mangelden
zij mangelden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gemangeld
jij had gemangeld
hij had gemangeld
wij hadden gemangeld
jullie hadden gemangeld
zij hadden gemangeld
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal mangelen
jij zult mangelen
hij zal mangelen
wij zullen mangelen
jullie zullen mangelen
zij zullen mangelen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gemangeld hebben
jij zult gemangeld hebben
hij zal gemangeld hebben
wij zullen gemangeld hebben
jullie zullen gemangeld hebben
zij zullen gemangeld hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou mangelen
jij zou mangelen
hij zou mangelen
wij zouden mangelen
jullie zouden mangelen
zij zouden mangelen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gemangeld hebben
jij zou gemangeld hebben
hij zou gemangeld hebben
wij zouden gemangeld hebben
jullie zouden gemangeld hebben
zij zouden gemangeld hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
mangel

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/mangelen

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Duitse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Engelse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Franse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Spaanse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Vervoegen

avoir être willen send sein
© Mijnwoordenboek MMXI | Contact | Privacy | Vaakst vertaald