Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

maken vervoegen




NL: maken
Synoniemen: doen, halen, herstellen, repareren, veroorzaken, vervaardigen, vormen, creëren, fabriceren, vervaardiging, , oefenen, scheppen, modelleren, kneden, voortbrengen, produceren, productie, fabricage, rechtzetten, goedmaken, fiksen, verenigen, aanmaken

DE: maken (in het leven roepen): machen, herstellen, produzieren, bilden, kreieren, schaffen, erschaffen, verfertigen, fabrizieren, tun
EN: maken (in het leven roepen): make, create, construct, conceptualize, prepare, design, manufacture, invent
ES: maken (in het leven roepen): hacer, crear, producir, ganar, compilar, concebir, fabricar, montar, formar, diseñar
FR: maken (in het leven roepen): faire, créer, construire, réaliser, fabriquer, concevoir, élaborer, former, confectionner

U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gemaakt
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik maak
jij maakt
hij maakt
wij maken
jullie maken
zij maken
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gemaakt
jij hebt gemaakt
hij heeft gemaakt
wij hebben gemaakt
jullie hebben gemaakt
zij hebben gemaakt
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik maakte
jij maakte
hij maakte
wij maakten
jullie maakten
zij maakten
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gemaakt
jij had gemaakt
hij had gemaakt
wij hadden gemaakt
jullie hadden gemaakt
zij hadden gemaakt
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal maken
jij zult maken
hij zal maken
wij zullen maken
jullie zullen maken
zij zullen maken
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gemaakt hebben
jij zult gemaakt hebben
hij zal gemaakt hebben
wij zullen gemaakt hebben
jullie zullen gemaakt hebben
zij zullen gemaakt hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou maken
jij zou maken
hij zou maken
wij zouden maken
jullie zouden maken
zij zouden maken
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gemaakt hebben
jij zou gemaakt hebben
hij zou gemaakt hebben
wij zouden gemaakt hebben
jullie zouden gemaakt hebben
zij zouden gemaakt hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
maak

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/maken

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Duitse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Engelse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Franse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Spaanse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Vervoegen

avoir être willen send sein
© Mijnwoordenboek MMXI | Contact | Privacy | Vaakst vertaald