Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

logeren vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: logeren
Synoniemen: bivakkeren, overnachten, wonen, verblijven, resideren, leven

DE: logeren (overnachten): übernachten, logieren
EN: logeren (overnachten): stay over, spend the night, stay
ES: logeren (overnachten): hospedarse, quedarse a dormir, pasar la noche
FR: logeren (overnachten): passer la nuit, coucher

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gelogeerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik logeer
jij logeert
hij logeert
wij logeren
jullie logeren
zij logeren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gelogeerd
jij hebt gelogeerd
hij heeft gelogeerd
wij hebben gelogeerd
jullie hebben gelogeerd
zij hebben gelogeerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik logeerde
jij logeerde
hij logeerde
wij logeerden
jullie logeerden
zij logeerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gelogeerd
jij had gelogeerd
hij had gelogeerd
wij hadden gelogeerd
jullie hadden gelogeerd
zij hadden gelogeerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal logeren
jij zult logeren
hij zal logeren
wij zullen logeren
jullie zullen logeren
zij zullen logeren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gelogeerd hebben
jij zult gelogeerd hebben
hij zal gelogeerd hebben
wij zullen gelogeerd hebben
jullie zullen gelogeerd hebben
zij zullen gelogeerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou logeren
jij zou logeren
hij zou logeren
wij zouden logeren
jullie zouden logeren
zij zouden logeren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gelogeerd hebben
jij zou gelogeerd hebben
hij zou gelogeerd hebben
wij zouden gelogeerd hebben
jullie zouden gelogeerd hebben
zij zouden gelogeerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
logeer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/logeren

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English