NL: lockpicken U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gelockpickt
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik lockpick jij lockpickt hij lockpickt wij lockpicken jullie lockpicken zij lockpicken
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gelockpickt jij hebt gelockpickt hij heeft gelockpickt wij hebben gelockpickt jullie hebben gelockpickt zij hebben gelockpickt
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik lockpickte jij lockpickte hij lockpickte wij lockpickten jullie lockpickten zij lockpickten
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gelockpickt jij had gelockpickt hij had gelockpickt wij hadden gelockpickt jullie hadden gelockpickt zij hadden gelockpickt
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal lockpicken jij zult lockpicken hij zal lockpicken wij zullen lockpicken jullie zullen lockpicken zij zullen lockpicken
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gelockpickt hebben jij zult gelockpickt hebben hij zal gelockpickt hebben wij zullen gelockpickt hebben jullie zullen gelockpickt hebben zij zullen gelockpickt hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou lockpicken jij zou lockpicken hij zou lockpicken wij zouden lockpicken jullie zouden lockpicken zij zouden lockpicken
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gelockpickt hebben jij zou gelockpickt hebben hij zou gelockpickt hebben wij zouden gelockpickt hebben jullie zouden gelockpickt hebben zij zouden gelockpickt hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
lockpick
|