NL: lijnenSynoniemen: aan de lijn doen, dieet, diëten, regime
DE: linieren, abnehmen, liniieren
EN: line
ES: hacer régimen
FR: suivre un régime
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gelijnd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik lijn jij lijnt hij lijnt wij lijnen jullie lijnen zij lijnen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gelijnd jij hebt gelijnd hij heeft gelijnd wij hebben gelijnd jullie hebben gelijnd zij hebben gelijnd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik lijnde jij lijnde hij lijnde wij lijnden jullie lijnden zij lijnden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gelijnd jij had gelijnd hij had gelijnd wij hadden gelijnd jullie hadden gelijnd zij hadden gelijnd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal lijnen jij zult lijnen hij zal lijnen wij zullen lijnen jullie zullen lijnen zij zullen lijnen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gelijnd hebben jij zult gelijnd hebben hij zal gelijnd hebben wij zullen gelijnd hebben jullie zullen gelijnd hebben zij zullen gelijnd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou lijnen jij zou lijnen hij zou lijnen wij zouden lijnen jullie zouden lijnen zij zouden lijnen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gelijnd hebben jij zou gelijnd hebben hij zou gelijnd hebben wij zouden gelijnd hebben jullie zouden gelijnd hebben zij zouden gelijnd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
lijn
|