NL: lappenSynoniemen: dokken, geld inleggen, herstellen, klaarspelen, schoonmaken, doeken, leveren, flikken, fixen, bewerkstelligen, bedingen
DE: der Lappen, der Stofflappen
EN: the vouchers, the coupons
ES: el retales
FR: le coupons
U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gelapt
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik lap jij lapt hij lapt wij lappen jullie lappen zij lappen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gelapt jij hebt gelapt hij heeft gelapt wij hebben gelapt jullie hebben gelapt zij hebben gelapt
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik lapte jij lapte hij lapte wij lapten jullie lapten zij lapten
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gelapt jij had gelapt hij had gelapt wij hadden gelapt jullie hadden gelapt zij hadden gelapt
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal lappen jij zult lappen hij zal lappen wij zullen lappen jullie zullen lappen zij zullen lappen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gelapt hebben jij zult gelapt hebben hij zal gelapt hebben wij zullen gelapt hebben jullie zullen gelapt hebben zij zullen gelapt hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou lappen jij zou lappen hij zou lappen wij zouden lappen jullie zouden lappen zij zouden lappen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gelapt hebben jij zou gelapt hebben hij zou gelapt hebben wij zouden gelapt hebben jullie zouden gelapt hebben zij zouden gelapt hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
lap
|