Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

labeuren vervoegen




NL: labeuren

U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gelabeurd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik labeur
jij labeurt
hij labeurt
wij labeuren
jullie labeuren
zij labeuren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gelabeurd
jij hebt gelabeurd
hij heeft gelabeurd
wij hebben gelabeurd
jullie hebben gelabeurd
zij hebben gelabeurd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik labeurde
jij labeurde
hij labeurde
wij labeurden
jullie labeurden
zij labeurden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gelabeurd
jij had gelabeurd
hij had gelabeurd
wij hadden gelabeurd
jullie hadden gelabeurd
zij hadden gelabeurd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal labeuren
jij zult labeuren
hij zal labeuren
wij zullen labeuren
jullie zullen labeuren
zij zullen labeuren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gelabeurd hebben
jij zult gelabeurd hebben
hij zal gelabeurd hebben
wij zullen gelabeurd hebben
jullie zullen gelabeurd hebben
zij zullen gelabeurd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou labeuren
jij zou labeuren
hij zou labeuren
wij zouden labeuren
jullie zouden labeuren
zij zouden labeuren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gelabeurd hebben
jij zou gelabeurd hebben
hij zou gelabeurd hebben
wij zouden gelabeurd hebben
jullie zouden gelabeurd hebben
zij zouden gelabeurd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
labeur

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/labeuren

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Duitse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Engelse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Franse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Spaanse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Vervoegen

avoir être willen send sein
© Mijnwoordenboek MMXI | Contact | Privacy | Vaakst vertaald