Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

labelen vervoegen




NL: labelen

U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gelabeld
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik label
jij labelt
hij labelt
wij labelen
jullie labelen
zij labelen
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gelabeld
jij hebt gelabeld
hij heeft gelabeld
wij hebben gelabeld
jullie hebben gelabeld
zij hebben gelabeld
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik labelde
jij labelde
hij labelde
wij labelden
jullie labelden
zij labelden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gelabeld
jij had gelabeld
hij had gelabeld
wij hadden gelabeld
jullie hadden gelabeld
zij hadden gelabeld
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal labelen
jij zult labelen
hij zal labelen
wij zullen labelen
jullie zullen labelen
zij zullen labelen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gelabeld hebben
jij zult gelabeld hebben
hij zal gelabeld hebben
wij zullen gelabeld hebben
jullie zullen gelabeld hebben
zij zullen gelabeld hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou labelen
jij zou labelen
hij zou labelen
wij zouden labelen
jullie zouden labelen
zij zouden labelen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gelabeld hebben
jij zou gelabeld hebben
hij zou gelabeld hebben
wij zouden gelabeld hebben
jullie zouden gelabeld hebben
zij zouden gelabeld hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
label

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/labelen

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Duitse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Engelse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Franse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Spaanse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Vervoegen

avoir être willen send sein
© Mijnwoordenboek MMXI | Contact | Privacy | Vaakst vertaald