NL: knippenSynoniemen: afknippen, coifferen, inkorten, knipperen, snoeien, knipsluitingen, kappen, couperen, knipsloten, trimmen, besnoeien
DE: schneiden, abschneiden
EN: cut off
ES: cortar
FR: cisailler, couper, donner un coup de ciseaux, découper, tailler
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
geknipt
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik knip jij knipt hij knipt wij knippen jullie knippen zij knippen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb geknipt jij hebt geknipt hij heeft geknipt wij hebben geknipt jullie hebben geknipt zij hebben geknipt
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik knipte jij knipte hij knipte wij knipten jullie knipten zij knipten
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had geknipt jij had geknipt hij had geknipt wij hadden geknipt jullie hadden geknipt zij hadden geknipt
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal knippen jij zult knippen hij zal knippen wij zullen knippen jullie zullen knippen zij zullen knippen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal geknipt hebben jij zult geknipt hebben hij zal geknipt hebben wij zullen geknipt hebben jullie zullen geknipt hebben zij zullen geknipt hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou knippen jij zou knippen hij zou knippen wij zouden knippen jullie zouden knippen zij zouden knippen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou geknipt hebben jij zou geknipt hebben hij zou geknipt hebben wij zouden geknipt hebben jullie zouden geknipt hebben zij zouden geknipt hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
knip
|