Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

klokken vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: klokken
Synoniemen: klotsen, tijd opnemen, timen

DE: die Glocken, die Uhren, die Kirchuhren
EN: the clocks, the timepieces
FR: la cloches, la horloges

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
geklokt
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik klok
jij klokt
hij klokt
wij klokken
jullie klokken
zij klokken
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb geklokt
jij hebt geklokt
hij heeft geklokt
wij hebben geklokt
jullie hebben geklokt
zij hebben geklokt
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik klokte
jij klokte
hij klokte
wij klokten
jullie klokten
zij klokten
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had geklokt
jij had geklokt
hij had geklokt
wij hadden geklokt
jullie hadden geklokt
zij hadden geklokt
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal klokken
jij zult klokken
hij zal klokken
wij zullen klokken
jullie zullen klokken
zij zullen klokken
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal geklokt hebben
jij zult geklokt hebben
hij zal geklokt hebben
wij zullen geklokt hebben
jullie zullen geklokt hebben
zij zullen geklokt hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou klokken
jij zou klokken
hij zou klokken
wij zouden klokken
jullie zouden klokken
zij zouden klokken
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou geklokt hebben
jij zou geklokt hebben
hij zou geklokt hebben
wij zouden geklokt hebben
jullie zouden geklokt hebben
zij zouden geklokt hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
klok

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/klokken

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English