Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

kleineren vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: kleineren
Synoniemen: denigreren, minimaliseren, vernederen

EN: belittle, disregard, humiliate, look down upon, treat with disregard, hold cheap, slight, scorn, treat unkindly, hold in contempt
ES: humillar, menospreciar, denigrar, tratar con menosprecio

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gekleineerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik kleineer
jij kleineert
hij kleineert
wij kleineren
jullie kleineren
zij kleineren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gekleineerd
jij hebt gekleineerd
hij heeft gekleineerd
wij hebben gekleineerd
jullie hebben gekleineerd
zij hebben gekleineerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik kleineerde
jij kleineerde
hij kleineerde
wij kleineerden
jullie kleineerden
zij kleineerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gekleineerd
jij had gekleineerd
hij had gekleineerd
wij hadden gekleineerd
jullie hadden gekleineerd
zij hadden gekleineerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal kleineren
jij zult kleineren
hij zal kleineren
wij zullen kleineren
jullie zullen kleineren
zij zullen kleineren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gekleineerd hebben
jij zult gekleineerd hebben
hij zal gekleineerd hebben
wij zullen gekleineerd hebben
jullie zullen gekleineerd hebben
zij zullen gekleineerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou kleineren
jij zou kleineren
hij zou kleineren
wij zouden kleineren
jullie zouden kleineren
zij zouden kleineren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gekleineerd hebben
jij zou gekleineerd hebben
hij zou gekleineerd hebben
wij zouden gekleineerd hebben
jullie zouden gekleineerd hebben
zij zouden gekleineerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
kleineer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/kleineren

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English