NL: kapseizenSynoniemen: kantelen
EN: capsize
FR: basculer, chavirer
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gekapseisd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik kapseis jij kapseist hij kapseist wij kapseizen jullie kapseizen zij kapseizen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gekapseisd jij hebt gekapseisd hij heeft gekapseisd wij hebben gekapseisd jullie hebben gekapseisd zij hebben gekapseisd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik kapseisde jij kapseisde hij kapseisde wij kapseisden jullie kapseisden zij kapseisden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gekapseisd jij had gekapseisd hij had gekapseisd wij hadden gekapseisd jullie hadden gekapseisd zij hadden gekapseisd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal kapseizen jij zult kapseizen hij zal kapseizen wij zullen kapseizen jullie zullen kapseizen zij zullen kapseizen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gekapseisd hebben jij zult gekapseisd hebben hij zal gekapseisd hebben wij zullen gekapseisd hebben jullie zullen gekapseisd hebben zij zullen gekapseisd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou kapseizen jij zou kapseizen hij zou kapseizen wij zouden kapseizen jullie zouden kapseizen zij zouden kapseizen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gekapseisd hebben jij zou gekapseisd hebben hij zou gekapseisd hebben wij zouden gekapseisd hebben jullie zouden gekapseisd hebben zij zouden gekapseisd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
kapseis
|