Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

kalven vervoegen




NL: kalven
ES: kalven (kalveren werpen): parir, lanzar a la vida

U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gekalfd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik kalf
jij kalft
hij kalft
wij kalven
jullie kalven
zij kalven
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gekalfd
jij hebt gekalfd
hij heeft gekalfd
wij hebben gekalfd
jullie hebben gekalfd
zij hebben gekalfd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik kalfde
jij kalfde
hij kalfde
wij kalfden
jullie kalfden
zij kalfden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gekalfd
jij had gekalfd
hij had gekalfd
wij hadden gekalfd
jullie hadden gekalfd
zij hadden gekalfd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal kalven
jij zult kalven
hij zal kalven
wij zullen kalven
jullie zullen kalven
zij zullen kalven
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gekalfd hebben
jij zult gekalfd hebben
hij zal gekalfd hebben
wij zullen gekalfd hebben
jullie zullen gekalfd hebben
zij zullen gekalfd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou kalven
jij zou kalven
hij zou kalven
wij zouden kalven
jullie zouden kalven
zij zouden kalven
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gekalfd hebben
jij zou gekalfd hebben
hij zou gekalfd hebben
wij zouden gekalfd hebben
jullie zouden gekalfd hebben
zij zouden gekalfd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
kalf

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/kalven

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Duitse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Engelse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Franse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Spaanse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Vervoegen

avoir être willen send sein
© Mijnwoordenboek MMXI | Contact | Privacy | Vaakst vertaald