Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

jennen vervoegen




NL: jennen
Synoniemen: pesten, zieken, uitdagen, treiteren, tergen, tarten, stangen, sarren, plagen

DE: jennen (sarren): ärgern, triezen, provozieren, striezen, piesacken, schikanieren, zusetzen, reizen

U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gejend
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik jen
jij jent
hij jent
wij jennen
jullie jennen
zij jennen
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gejend
jij hebt gejend
hij heeft gejend
wij hebben gejend
jullie hebben gejend
zij hebben gejend
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik jende
jij jende
hij jende
wij jenden
jullie jenden
zij jenden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gejend
jij had gejend
hij had gejend
wij hadden gejend
jullie hadden gejend
zij hadden gejend
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal jennen
jij zult jennen
hij zal jennen
wij zullen jennen
jullie zullen jennen
zij zullen jennen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gejend hebben
jij zult gejend hebben
hij zal gejend hebben
wij zullen gejend hebben
jullie zullen gejend hebben
zij zullen gejend hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou jennen
jij zou jennen
hij zou jennen
wij zouden jennen
jullie zouden jennen
zij zouden jennen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gejend hebben
jij zou gejend hebben
hij zou gejend hebben
wij zouden gejend hebben
jullie zouden gejend hebben
zij zouden gejend hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
jen

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/jennen

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Duitse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Engelse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Franse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Spaanse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Vervoegen

avoir être willen send sein
© Mijnwoordenboek MMXI | Contact | Privacy | Vaakst vertaald