NL: inwinnenDE: das Einziehen, das Einholen
EN: the gathering
FR: le fait de chercher à recueillir
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
ingewonnen
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik win in jij wint in hij wint in wij winnen in jullie winnen in zij winnen in
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb ingewonnen jij hebt ingewonnen hij heeft ingewonnen wij hebben ingewonnen jullie hebben ingewonnen zij hebben ingewonnen
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik won in jij won in hij won in wij wonnen in jullie wonnen in zij wonnen in
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had ingewonnen jij had ingewonnen hij had ingewonnen wij hadden ingewonnen jullie hadden ingewonnen zij hadden ingewonnen
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal inwinnen jij zult inwinnen hij zal inwinnen wij zullen inwinnen jullie zullen inwinnen zij zullen inwinnen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal ingewonnen hebben jij zult ingewonnen hebben hij zal ingewonnen hebben wij zullen ingewonnen hebben jullie zullen ingewonnen hebben zij zullen ingewonnen hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou inwinnen jij zou inwinnen hij zou inwinnen wij zouden inwinnen jullie zouden inwinnen zij zouden inwinnen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou ingewonnen hebben jij zou ingewonnen hebben hij zou ingewonnen hebben wij zouden ingewonnen hebben jullie zouden ingewonnen hebben zij zouden ingewonnen hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
win in
|