Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

intrigeren vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: intrigeren
Synoniemen: boeien, fascineren, konkelen, kuipen

DE: intrigeren (fascineren): faszinieren, intrigieren, fesseln
EN: intrigeren (fascineren): fascinate, intrigue, captivate, enchant, enthral
ES: intrigeren (fascineren): fascinar, intrigar
FR: intrigeren (fascineren): fasciner, saisir, relier, captiver, prendre, lier, enchaîner, ligoter, obséder, passer les menottes

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
geïntrigeerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik intrigeer
jij intrigeert
hij intrigeert
wij intrigeren
jullie intrigeren
zij intrigeren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb geïntrigeerd
jij hebt geïntrigeerd
hij heeft geïntrigeerd
wij hebben geïntrigeerd
jullie hebben geïntrigeerd
zij hebben geïntrigeerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik intrigeerde
jij intrigeerde
hij intrigeerde
wij intrigeerden
jullie intrigeerden
zij intrigeerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had geïntrigeerd
jij had geïntrigeerd
hij had geïntrigeerd
wij hadden geïntrigeerd
jullie hadden geïntrigeerd
zij hadden geïntrigeerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal intrigeren
jij zult intrigeren
hij zal intrigeren
wij zullen intrigeren
jullie zullen intrigeren
zij zullen intrigeren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal geïntrigeerd hebben
jij zult geïntrigeerd hebben
hij zal geïntrigeerd hebben
wij zullen geïntrigeerd hebben
jullie zullen geïntrigeerd hebben
zij zullen geïntrigeerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou intrigeren
jij zou intrigeren
hij zou intrigeren
wij zouden intrigeren
jullie zouden intrigeren
zij zouden intrigeren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou geïntrigeerd hebben
jij zou geïntrigeerd hebben
hij zou geïntrigeerd hebben
wij zouden geïntrigeerd hebben
jullie zouden geïntrigeerd hebben
zij zouden geïntrigeerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
intrigeer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/intrigeren

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English