Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

internationaliseren vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: internationaliseren

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
geïnternationaliseerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik internationaliseer
jij internationaliseert
hij internationaliseert
wij internationaliseren
jullie internationaliseren
zij internationaliseren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb geïnternationaliseerd
jij hebt geïnternationaliseerd
hij heeft geïnternationaliseerd
wij hebben geïnternationaliseerd
jullie hebben geïnternationaliseerd
zij hebben geïnternationaliseerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik internationaliseerde
jij internationaliseerde
hij internationaliseerde
wij internationaliseerden
jullie internationaliseerden
zij internationaliseerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had geïnternationaliseerd
jij had geïnternationaliseerd
hij had geïnternationaliseerd
wij hadden geïnternationaliseerd
jullie hadden geïnternationaliseerd
zij hadden geïnternationaliseerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal internationaliseren
jij zult internationaliseren
hij zal internationaliseren
wij zullen internationaliseren
jullie zullen internationaliseren
zij zullen internationaliseren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal geïnternationaliseerd hebben
jij zult geïnternationaliseerd hebben
hij zal geïnternationaliseerd hebben
wij zullen geïnternationaliseerd hebben
jullie zullen geïnternationaliseerd hebben
zij zullen geïnternationaliseerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou internationaliseren
jij zou internationaliseren
hij zou internationaliseren
wij zouden internationaliseren
jullie zouden internationaliseren
zij zouden internationaliseren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou geïnternationaliseerd hebben
jij zou geïnternationaliseerd hebben
hij zou geïnternationaliseerd hebben
wij zouden geïnternationaliseerd hebben
jullie zouden geïnternationaliseerd hebben
zij zouden geïnternationaliseerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
internationaliseer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/internationaliseren

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English