Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

inter vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





FR: inter

EN: to inter
Gerund
De Gerund is een ing-vorm die zelfstandig gebruikt kan worden.
interring
Present simple (ott)
Tegenwoordige tijd zonder ing-vorm.
I inter
you inter
he inters
we inter
you inter
they inter
Present perfect (vtt)
Have/has + voltooid deelwoord / voltooid tegenwoordige tijd.
I have interred
you have interred
he has interred
we have interred
you have interred
they have interred
Past Simple (ovt)
Verleden tijd zonder �ing vorm
I interred
you interred
he interred
we interred
you interred
they interred
Past perfect (vvt)
Had + voltooid deelwoord / voltooid verleden tijd
I had interred
you had interred
he had interred
we had interred
you had interred
they had interred
Present future (ottt)
Toekomst. Shall / Will + hele werkwoord
I will inter
you will inter
he will inter
we will inter
you will inter
they will inter
Present future perfect (vttt)
Shall / Will + have + voltooid deelwoord. Het wordt gebruikt om aan te geven dat iets is afgerond op een nader tijdstip in de toekomst.
I will have interred
you will have interred
he will have interred
we will have interred
you will have interred
they will have interred
Past future (ovtt)
Altijd gevormd door: should/would + inf. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
I would inter
you would inter
he would inter
we would inter
you would inter
they would inter
Past future perfect (vvtt)
Altijd gevormd door: should/would + have + volt. dw. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
I would have interred
you would have interred
he would have interred
we would have interred
you would have interred
they would have interred


FR: inter
Participe Passé
inté
Indicatif Présent
ott, als in `ik ga`
je inte
tu intes
il; elle inte
nous intons
vous intez
ils; elles intent
Indicatif Passé Composé
Passé composé = voltooid tegenwoordige tijd. Als in `ik ben gegaan`. Le passé composé wordt gebruikt voor alle op zichzelf staande feiten, nieuwe, éénmalige gebeurtenissen, alle afgesloten handelingen.
j`ai inté
tu as inté
il; elle a inté
nous avons inté
vous avez inté
ils; elles ont inté
Indicatif Imparfait
ovt, als in `ik ging`. L'imparfait wordt gebruikt voor het weergeven van: (I) een gewoonte (handeling), (II) een toestand/ beschrijving van karakter,uiterlijk, kleding, gemoedstoestand en landschap, (III) een handeling die aan de gang was.
j`intais
tu intais
il; elle intait
nous intions
vous intiez
ils; elles intaient
Indicatif Plus-Que-Parfait
Plus-que-parfait= voltooid verleden tijd. Als in `ik was gegaan`
j`avais inté
tu avais inté
il; elle avait inté
nous avions inté
vous aviez inté
ils; elles avaient inté
Indicatif Passé Simple
vtt, als in `ik ging`. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
j`intai
tu intas
il; elle inta
nous intâmes
vous intâtes
ils; elles intèrent
Indicatif Passé Antérieur
vvtt, als in `ik zou gegaan zijn`
j`eus inté
tu eus inté
il; elle eut inté
nous eûmes inté
vous eûtes inté
ils; elles eurent inté
Indicatif Futur Simple
ottt, als in `ik zal gaan`
j`interai
tu interas
il; elle intera
nous interons
vous interez
ils; elles interont
Indicatif Futur Antérieur
vttt, als in `Ik zal gegaan zijn`
j`aurai inté
tu auras inté
il; elle aura inté
nous aurons inté
vous aurez inté
ils; elles auront inté
Subjonctif Présent
Aanvoegende wijs, heden. Men gebruikt het subjonctif in een onderschikkende bijzin die begint met `que`, na werkwoorden die een gevoel weergeven: être content = blij zijn, être triste= bedroefd zijn
j`inte
tu intes
il; elle inte
nous intions
vous intiez
ils; elles intent
Subjonctif Passé
Aanvoegende wijs, verleden. Vooral gebruikt in de schrijftaal.
j`aie inté
tu aies inté
il; elle ait inté
nous ayons inté
vous ayez inté
ils; elles aient inté
Subjonctif Imparfait
Aanvoegende wijs. Vooral gebruikt in de schrijftaal. L'imparfait wordt gebruikt voor het weergeven van: (I) een gewoonte (handeling), (II) een toestand/ beschrijving van karakter,uiterlijk, kleding, gemoedstoestand en landschap, (III) een handeling die aan de gang was
j`intasse
tu intasses
il; elle intât
nous intassions
vous intassiez
ils; elles intassent
Subjonctif Plus-Que-Parfait
Aanvoegende wijs, voltooid deelwoord. Vooral gebruikt in de schrijftaal.
j`eusse inté
tu eusses inté
il; elle eût inté
nous eussions inté
vous eussiez inté
ils; elles eussent inté
Conditionnel Présent
ovtt. Met de conditionnel présent kan je een voorwaarde uitdrukken, als in `ik zou gaan`
j`interais
tu interais
il; elle interait
nous interions
vous interiez
ils; elles interaient
Conditionnel Passé
vvtt. De conditionnel passé gebruik je om een voorwaarde in het verleden te stellen, als in `ik zou gegaan zijn`
j`aurais inté
tu aurais inté
il; elle aurait inté
nous aurions inté
vous auriez inté
ils; elles auraient inté
Impératif Présent
gebiedende wijs als in `Ga!`
(tu) inte, (nous) intons
(vous) intez

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/inter

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English