NL: ingrijpenSynoniemen: toetasten, toedoen, tussenkomen, tussenbeikomen, interveniëren, interrumperen, interfereren, bemiddelen, toegrijpen, grijpen, aanpakken
DE: ingrijpen (toetasten): zugreifen, zulangen
EN: ingrijpen (toetasten): seize, serve oneself, take, dive in, fall to
ES: ingrijpen (toetasten): servirse, servirse a sí mismo
FR: ingrijpen (toetasten): prendre, saisir, se servir
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
ingegrepen
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik grijp in jij grijpt in hij grijpt in wij grijpen in jullie grijpen in zij grijpen in
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb ingegrepen jij hebt ingegrepen hij heeft ingegrepen wij hebben ingegrepen jullie hebben ingegrepen zij hebben ingegrepen
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik greep in jij greep in hij greep in wij grepen in jullie grepen in zij grepen in
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had ingegrepen jij had ingegrepen hij had ingegrepen wij hadden ingegrepen jullie hadden ingegrepen zij hadden ingegrepen
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal ingrijpen jij zult ingrijpen hij zal ingrijpen wij zullen ingrijpen jullie zullen ingrijpen zij zullen ingrijpen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal ingegrepen hebben jij zult ingegrepen hebben hij zal ingegrepen hebben wij zullen ingegrepen hebben jullie zullen ingegrepen hebben zij zullen ingegrepen hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou ingrijpen jij zou ingrijpen hij zou ingrijpen wij zouden ingrijpen jullie zouden ingrijpen zij zouden ingrijpen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou ingegrepen hebben jij zou ingegrepen hebben hij zou ingegrepen hebben wij zouden ingegrepen hebben jullie zouden ingegrepen hebben zij zouden ingegrepen hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
grijp in
|