EN: to inflesh| Gerund |
| De Gerund is een ing-vorm die zelfstandig gebruikt kan worden. |
infleshing
|
| Present simple (ott) |
| Tegenwoordige tijd zonder ing-vorm. |
I inflesh you inflesh he infleshes we inflesh you inflesh they inflesh
|
| Present perfect (vtt) |
| Have/has + voltooid deelwoord / voltooid tegenwoordige tijd. |
I have infleshed you have infleshed he has infleshed we have infleshed you have infleshed they have infleshed
|
| Past Simple (ovt) |
| Verleden tijd zonder �ing vorm |
I infleshed you infleshed he infleshed we infleshed you infleshed they infleshed
|
| Past perfect (vvt) |
| Had + voltooid deelwoord / voltooid verleden tijd |
I had infleshed you had infleshed he had infleshed we had infleshed you had infleshed they had infleshed
|
| Present future (ottt) |
| Toekomst. Shall / Will + hele werkwoord |
I will inflesh you will inflesh he will inflesh we will inflesh you will inflesh they will inflesh
|
| Present future perfect (vttt) |
| Shall / Will + have + voltooid deelwoord. Het wordt gebruikt om aan te geven dat iets is afgerond op een nader tijdstip in de toekomst. |
I will have infleshed you will have infleshed he will have infleshed we will have infleshed you will have infleshed they will have infleshed
|
| Past future (ovtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + inf. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
I would inflesh you would inflesh he would inflesh we would inflesh you would inflesh they would inflesh
|
| Past future perfect (vvtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + have + volt. dw. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
I would have infleshed you would have infleshed he would have infleshed we would have infleshed you would have infleshed they would have infleshed
|