NL: inademenSynoniemen: ademhalen, ruiken, , ademen, inhaleren
DE: einatmen, inhalieren
EN: inhale, breathe in
FR: respirer, inhaler
U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
ingeademd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik adem in jij ademt in hij ademt in wij ademen in jullie ademen in zij ademen in
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb ingeademd jij hebt ingeademd hij heeft ingeademd wij hebben ingeademd jullie hebben ingeademd zij hebben ingeademd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik ademde in jij ademde in hij ademde in wij ademden in jullie ademden in zij ademden in
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had ingeademd jij had ingeademd hij had ingeademd wij hadden ingeademd jullie hadden ingeademd zij hadden ingeademd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal inademen jij zult inademen hij zal inademen wij zullen inademen jullie zullen inademen zij zullen inademen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal ingeademd hebben jij zult ingeademd hebben hij zal ingeademd hebben wij zullen ingeademd hebben jullie zullen ingeademd hebben zij zullen ingeademd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou inademen jij zou inademen hij zou inademen wij zouden inademen jullie zouden inademen zij zouden inademen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou ingeademd hebben jij zou ingeademd hebben hij zou ingeademd hebben wij zouden ingeademd hebben jullie zouden ingeademd hebben zij zouden ingeademd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
adem in
|