Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

imponeren vervoegen




NL: imponeren
DE: imponieren
EN: impose
ES: impresionar
FR: imposer

U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
geïmponeerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik imponeer
jij imponeert
hij imponeert
wij imponeren
jullie imponeren
zij imponeren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb geïmponeerd
jij hebt geïmponeerd
hij heeft geïmponeerd
wij hebben geïmponeerd
jullie hebben geïmponeerd
zij hebben geïmponeerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik imponeerde
jij imponeerde
hij imponeerde
wij imponeerden
jullie imponeerden
zij imponeerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had geïmponeerd
jij had geïmponeerd
hij had geïmponeerd
wij hadden geïmponeerd
jullie hadden geïmponeerd
zij hadden geïmponeerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal imponeren
jij zult imponeren
hij zal imponeren
wij zullen imponeren
jullie zullen imponeren
zij zullen imponeren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal geïmponeerd hebben
jij zult geïmponeerd hebben
hij zal geïmponeerd hebben
wij zullen geïmponeerd hebben
jullie zullen geïmponeerd hebben
zij zullen geïmponeerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou imponeren
jij zou imponeren
hij zou imponeren
wij zouden imponeren
jullie zouden imponeren
zij zouden imponeren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou geïmponeerd hebben
jij zou geïmponeerd hebben
hij zou geïmponeerd hebben
wij zouden geïmponeerd hebben
jullie zouden geïmponeerd hebben
zij zouden geïmponeerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
imponeer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/imponeren

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Duitse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Engelse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Franse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Spaanse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Vervoegen

avoir être willen send sein
© Mijnwoordenboek MMXI | Contact | Privacy | Vaakst vertaald