Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

illustreren vervoegen




NL: illustreren
Synoniemen: veraanschouwelijken

DE: illustrieren, bebildern
EN: illustrate
ES: ilustrar
FR: illustrer

U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
geïllustreerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik illustreer
jij illustreert
hij illustreert
wij illustreren
jullie illustreren
zij illustreren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb geïllustreerd
jij hebt geïllustreerd
hij heeft geïllustreerd
wij hebben geïllustreerd
jullie hebben geïllustreerd
zij hebben geïllustreerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik illustreerde
jij illustreerde
hij illustreerde
wij illustreerden
jullie illustreerden
zij illustreerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had geïllustreerd
jij had geïllustreerd
hij had geïllustreerd
wij hadden geïllustreerd
jullie hadden geïllustreerd
zij hadden geïllustreerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal illustreren
jij zult illustreren
hij zal illustreren
wij zullen illustreren
jullie zullen illustreren
zij zullen illustreren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal geïllustreerd hebben
jij zult geïllustreerd hebben
hij zal geïllustreerd hebben
wij zullen geïllustreerd hebben
jullie zullen geïllustreerd hebben
zij zullen geïllustreerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou illustreren
jij zou illustreren
hij zou illustreren
wij zouden illustreren
jullie zouden illustreren
zij zouden illustreren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou geïllustreerd hebben
jij zou geïllustreerd hebben
hij zou geïllustreerd hebben
wij zouden geïllustreerd hebben
jullie zouden geïllustreerd hebben
zij zouden geïllustreerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
illustreer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/illustreren

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Duitse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Engelse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Franse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Spaanse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Vervoegen

avoir être willen send sein
© Mijnwoordenboek MMXI | Contact | Privacy | Vaakst vertaald