NL: identificerenSynoniemen: herkennen, vaststellen, vereenzelvigen
DE: identificeren (identiteit vaststellen): identifizieren, legitimieren
EN: identificeren (identiteit vaststellen): identify
ES: identificeren (identiteit vaststellen): identificar
FR: identificeren (identiteit vaststellen): identifier, déterminer l'identité
U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
geïdentificeerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik identificeer jij identificeert hij identificeert wij identificeren jullie identificeren zij identificeren
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb geïdentificeerd jij hebt geïdentificeerd hij heeft geïdentificeerd wij hebben geïdentificeerd jullie hebben geïdentificeerd zij hebben geïdentificeerd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik identificeerde jij identificeerde hij identificeerde wij identificeerden jullie identificeerden zij identificeerden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had geïdentificeerd jij had geïdentificeerd hij had geïdentificeerd wij hadden geïdentificeerd jullie hadden geïdentificeerd zij hadden geïdentificeerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal identificeren jij zult identificeren hij zal identificeren wij zullen identificeren jullie zullen identificeren zij zullen identificeren
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal geïdentificeerd hebben jij zult geïdentificeerd hebben hij zal geïdentificeerd hebben wij zullen geïdentificeerd hebben jullie zullen geïdentificeerd hebben zij zullen geïdentificeerd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou identificeren jij zou identificeren hij zou identificeren wij zouden identificeren jullie zouden identificeren zij zouden identificeren
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou geïdentificeerd hebben jij zou geïdentificeerd hebben hij zou geïdentificeerd hebben wij zouden geïdentificeerd hebben jullie zouden geïdentificeerd hebben zij zouden geïdentificeerd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
identificeer
|