NL: hooienSynoniemen: hooiing
EN: hooien (hooi winnen): hay, make hay
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gehooid
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik hooi jij hooit hij hooit wij hooien jullie hooien zij hooien
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gehooid jij hebt gehooid hij heeft gehooid wij hebben gehooid jullie hebben gehooid zij hebben gehooid
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik hooide jij hooide hij hooide wij hooiden jullie hooiden zij hooiden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gehooid jij had gehooid hij had gehooid wij hadden gehooid jullie hadden gehooid zij hadden gehooid
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal hooien jij zult hooien hij zal hooien wij zullen hooien jullie zullen hooien zij zullen hooien
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gehooid hebben jij zult gehooid hebben hij zal gehooid hebben wij zullen gehooid hebben jullie zullen gehooid hebben zij zullen gehooid hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou hooien jij zou hooien hij zou hooien wij zouden hooien jullie zouden hooien zij zouden hooien
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gehooid hebben jij zou gehooid hebben hij zou gehooid hebben wij zouden gehooid hebben jullie zouden gehooid hebben zij zouden gehooid hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
hooi
|