Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

hanggliden vervoegen




NL: hanggliden

U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gehangglided
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik hangglide
jij hangglidet
hij hangglidet
wij hanggliden
jullie hanggliden
zij hanggliden
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gehangglided
jij hebt gehangglided
hij heeft gehangglided
wij hebben gehangglided
jullie hebben gehangglided
zij hebben gehangglided
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik hangglidede
jij hangglidede
hij hangglidede
wij hangglideden
jullie hangglideden
zij hangglideden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gehangglided
jij had gehangglided
hij had gehangglided
wij hadden gehangglided
jullie hadden gehangglided
zij hadden gehangglided
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal hanggliden
jij zult hanggliden
hij zal hanggliden
wij zullen hanggliden
jullie zullen hanggliden
zij zullen hanggliden
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gehangglided hebben
jij zult gehangglided hebben
hij zal gehangglided hebben
wij zullen gehangglided hebben
jullie zullen gehangglided hebben
zij zullen gehangglided hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou hanggliden
jij zou hanggliden
hij zou hanggliden
wij zouden hanggliden
jullie zouden hanggliden
zij zouden hanggliden
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gehangglided hebben
jij zou gehangglided hebben
hij zou gehangglided hebben
wij zouden gehangglided hebben
jullie zouden gehangglided hebben
zij zouden gehangglided hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
hangglide

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/hanggliden

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Duitse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Engelse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Franse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Spaanse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Vervoegen

avoir être willen send sein
© Mijnwoordenboek MMXI | Contact | Privacy | Vaakst vertaald