NL: halenSynoniemen: afhalen, behalen, bereiken, betrekken, erbij halen, pakken, gehaald,
DE: holen, bekommen
EN: get
ES: buscar, ganar, tomar, obtener, coger, aprobar, adquirir
FR: obtenir, aller chercher, gagner, acquérir, se procurer
U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gehaald
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik haal jij haalt hij haalt wij halen jullie halen zij halen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gehaald jij hebt gehaald hij heeft gehaald wij hebben gehaald jullie hebben gehaald zij hebben gehaald
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik haalde jij haalde hij haalde wij haalden jullie haalden zij haalden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gehaald jij had gehaald hij had gehaald wij hadden gehaald jullie hadden gehaald zij hadden gehaald
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal halen jij zult halen hij zal halen wij zullen halen jullie zullen halen zij zullen halen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gehaald hebben jij zult gehaald hebben hij zal gehaald hebben wij zullen gehaald hebben jullie zullen gehaald hebben zij zullen gehaald hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou halen jij zou halen hij zou halen wij zouden halen jullie zouden halen zij zouden halen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gehaald hebben jij zou gehaald hebben hij zou gehaald hebben wij zouden gehaald hebben jullie zouden gehaald hebben zij zouden gehaald hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
haal
|