Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

gronden vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: gronden
Synoniemen: baseren, funderen, aarden, grondvesten, grondverven

DE: gronden (aarden): erden
EN: gronden (aarden): ground, earthen
ES: gronden (aarden): fundar, fundamentar, echar raíces, basar en
FR: gronden (aarden): fonder, établir, baser, s'établir

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gegrond
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik grond
jij grondt
hij grondt
wij gronden
jullie gronden
zij gronden
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gegrond
jij hebt gegrond
hij heeft gegrond
wij hebben gegrond
jullie hebben gegrond
zij hebben gegrond
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik grondde
jij grondde
hij grondde
wij grondden
jullie grondden
zij grondden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gegrond
jij had gegrond
hij had gegrond
wij hadden gegrond
jullie hadden gegrond
zij hadden gegrond
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal gronden
jij zult gronden
hij zal gronden
wij zullen gronden
jullie zullen gronden
zij zullen gronden
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gegrond hebben
jij zult gegrond hebben
hij zal gegrond hebben
wij zullen gegrond hebben
jullie zullen gegrond hebben
zij zullen gegrond hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou gronden
jij zou gronden
hij zou gronden
wij zouden gronden
jullie zouden gronden
zij zouden gronden
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gegrond hebben
jij zou gegrond hebben
hij zou gegrond hebben
wij zouden gegrond hebben
jullie zouden gegrond hebben
zij zouden gegrond hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
grond

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/gronden

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English