EN: to glazeSynoniemen: finish, lacquer, polish, stain
NL: glaceren
ES: glasear, almibarar, satinar
FR: glacer, émailler, vernir
| Gerund |
| De Gerund is een ing-vorm die zelfstandig gebruikt kan worden. |
glazing
|
| Present simple (ott) |
| Tegenwoordige tijd zonder ing-vorm. |
I glaze you glaze he glazes we glaze you glaze they glaze
|
| Present perfect (vtt) |
| Have/has + voltooid deelwoord / voltooid tegenwoordige tijd. |
I have glazed you have glazed he has glazed we have glazed you have glazed they have glazed
|
| Past Simple (ovt) |
| Verleden tijd zonder �ing vorm |
I glazed you glazed he glazed we glazed you glazed they glazed
|
| Past perfect (vvt) |
| Had + voltooid deelwoord / voltooid verleden tijd |
I had glazed you had glazed he had glazed we had glazed you had glazed they had glazed
|
| Present future (ottt) |
| Toekomst. Shall / Will + hele werkwoord |
I will glaze you will glaze he will glaze we will glaze you will glaze they will glaze
|
| Present future perfect (vttt) |
| Shall / Will + have + voltooid deelwoord. Het wordt gebruikt om aan te geven dat iets is afgerond op een nader tijdstip in de toekomst. |
I will have glazed you will have glazed he will have glazed we will have glazed you will have glazed they will have glazed
|
| Past future (ovtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + inf. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
I would glaze you would glaze he would glaze we would glaze you would glaze they would glaze
|
| Past future perfect (vvtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + have + volt. dw. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
I would have glazed you would have glazed he would have glazed we would have glazed you would have glazed they would have glazed
|