NL: gedogenSynoniemen: accepteren, dulden, tolereren
DE: erlauben, dulden, genehmigen, zulassen, gewähren, zustimmen, gestatten, bewilligen, einwilligen, gutheißen
EN: tolerate
ES: admitir, tolerar
FR: tolérer, permettre, admettre, souffrir, supporter, consentir, autoriser
U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gedoogd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik gedoog jij gedoogt hij gedoogt wij gedogen jullie gedogen zij gedogen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gedoogd jij hebt gedoogd hij heeft gedoogd wij hebben gedoogd jullie hebben gedoogd zij hebben gedoogd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik gedoogde jij gedoogde hij gedoogde wij gedoogden jullie gedoogden zij gedoogden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gedoogd jij had gedoogd hij had gedoogd wij hadden gedoogd jullie hadden gedoogd zij hadden gedoogd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal gedogen jij zult gedogen hij zal gedogen wij zullen gedogen jullie zullen gedogen zij zullen gedogen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gedoogd hebben jij zult gedoogd hebben hij zal gedoogd hebben wij zullen gedoogd hebben jullie zullen gedoogd hebben zij zullen gedoogd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou gedogen jij zou gedogen hij zou gedogen wij zouden gedogen jullie zouden gedogen zij zouden gedogen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gedoogd hebben jij zou gedoogd hebben hij zou gedoogd hebben wij zouden gedoogd hebben jullie zouden gedoogd hebben zij zouden gedoogd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
gedoog
|