NL: filterenSynoniemen: doorsijpelen, doorzijgen, ziften, zeven, filtreren
DE: filteren (doorsijpelen): filtern, durchsickern, filtrieren
EN: filteren (doorsijpelen): seep through, filter through
ES: filteren (doorsijpelen): colar, filtrar, filtrarse
FR: filteren (doorsijpelen): filtrer, transpirer
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gefilterd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik filter jij filtert hij filtert wij filteren jullie filteren zij filteren
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gefilterd jij hebt gefilterd hij heeft gefilterd wij hebben gefilterd jullie hebben gefilterd zij hebben gefilterd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik filterde jij filterde hij filterde wij filterden jullie filterden zij filterden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gefilterd jij had gefilterd hij had gefilterd wij hadden gefilterd jullie hadden gefilterd zij hadden gefilterd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal filteren jij zult filteren hij zal filteren wij zullen filteren jullie zullen filteren zij zullen filteren
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gefilterd hebben jij zult gefilterd hebben hij zal gefilterd hebben wij zullen gefilterd hebben jullie zullen gefilterd hebben zij zullen gefilterd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou filteren jij zou filteren hij zou filteren wij zouden filteren jullie zouden filteren zij zouden filteren
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gefilterd hebben jij zou gefilterd hebben hij zou gefilterd hebben wij zouden gefilterd hebben jullie zouden gefilterd hebben zij zouden gefilterd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
filter
|