NL: filerenDE: filieren
EN: fillet
ES: filetear, descubrir, escamotear, mantener la nota
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gefileerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik fileer jij fileert hij fileert wij fileren jullie fileren zij fileren
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gefileerd jij hebt gefileerd hij heeft gefileerd wij hebben gefileerd jullie hebben gefileerd zij hebben gefileerd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik fileerde jij fileerde hij fileerde wij fileerden jullie fileerden zij fileerden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gefileerd jij had gefileerd hij had gefileerd wij hadden gefileerd jullie hadden gefileerd zij hadden gefileerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal fileren jij zult fileren hij zal fileren wij zullen fileren jullie zullen fileren zij zullen fileren
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gefileerd hebben jij zult gefileerd hebben hij zal gefileerd hebben wij zullen gefileerd hebben jullie zullen gefileerd hebben zij zullen gefileerd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou fileren jij zou fileren hij zou fileren wij zouden fileren jullie zouden fileren zij zouden fileren
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gefileerd hebben jij zou gefileerd hebben hij zou gefileerd hebben wij zouden gefileerd hebben jullie zouden gefileerd hebben zij zouden gefileerd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
fileer
|