EN: to feebleSynoniemen: fragile, frail, pathetic, puny, scrawny, weedy,
| Gerund |
| De Gerund is een ing-vorm die zelfstandig gebruikt kan worden. |
feebling
|
| Present simple (ott) |
| Tegenwoordige tijd zonder ing-vorm. |
I feeble you feeble he feebles we feeble you feeble they feeble
|
| Present perfect (vtt) |
| Have/has + voltooid deelwoord / voltooid tegenwoordige tijd. |
I have feebled you have feebled he has feebled we have feebled you have feebled they have feebled
|
| Past Simple (ovt) |
| Verleden tijd zonder �ing vorm |
I feebled you feebled he feebled we feebled you feebled they feebled
|
| Past perfect (vvt) |
| Had + voltooid deelwoord / voltooid verleden tijd |
I had feebled you had feebled he had feebled we had feebled you had feebled they had feebled
|
| Present future (ottt) |
| Toekomst. Shall / Will + hele werkwoord |
I will feeble you will feeble he will feeble we will feeble you will feeble they will feeble
|
| Present future perfect (vttt) |
| Shall / Will + have + voltooid deelwoord. Het wordt gebruikt om aan te geven dat iets is afgerond op een nader tijdstip in de toekomst. |
I will have feebled you will have feebled he will have feebled we will have feebled you will have feebled they will have feebled
|
| Past future (ovtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + inf. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
I would feeble you would feeble he would feeble we would feeble you would feeble they would feeble
|
| Past future perfect (vvtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + have + volt. dw. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
I would have feebled you would have feebled he would have feebled we would have feebled you would have feebled they would have feebled
|