NL: exploderenSynoniemen: klappen, ontploffen, springen
DE: explodieren, platzen
EN: explode, burst, snap
ES: explotar, estallar, explosionar, entrar en erupción, hacer explosión
FR: exploser, exploder, éclater
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
geëxplodeerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik explodeer jij explodeert hij explodeert wij exploderen jullie exploderen zij exploderen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb geëxplodeerd jij hebt geëxplodeerd hij heeft geëxplodeerd wij hebben geëxplodeerd jullie hebben geëxplodeerd zij hebben geëxplodeerd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik explodeerde jij explodeerde hij explodeerde wij explodeerden jullie explodeerden zij explodeerden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had geëxplodeerd jij had geëxplodeerd hij had geëxplodeerd wij hadden geëxplodeerd jullie hadden geëxplodeerd zij hadden geëxplodeerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal exploderen jij zult exploderen hij zal exploderen wij zullen exploderen jullie zullen exploderen zij zullen exploderen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal geëxplodeerd hebben jij zult geëxplodeerd hebben hij zal geëxplodeerd hebben wij zullen geëxplodeerd hebben jullie zullen geëxplodeerd hebben zij zullen geëxplodeerd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou exploderen jij zou exploderen hij zou exploderen wij zouden exploderen jullie zouden exploderen zij zouden exploderen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou geëxplodeerd hebben jij zou geëxplodeerd hebben hij zou geëxplodeerd hebben wij zouden geëxplodeerd hebben jullie zouden geëxplodeerd hebben zij zouden geëxplodeerd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
explodeer
|