Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

experimenteren vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: experimenteren
Synoniemen: uitproberen

DE: experimentieren, Versuche machen
EN: experiment
ES: experimentar
FR: expérimenter, éprouver

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
geëxperimenteerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik experimenteer
jij experimenteert
hij experimenteert
wij experimenteren
jullie experimenteren
zij experimenteren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb geëxperimenteerd
jij hebt geëxperimenteerd
hij heeft geëxperimenteerd
wij hebben geëxperimenteerd
jullie hebben geëxperimenteerd
zij hebben geëxperimenteerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik experimenteerde
jij experimenteerde
hij experimenteerde
wij experimenteerden
jullie experimenteerden
zij experimenteerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had geëxperimenteerd
jij had geëxperimenteerd
hij had geëxperimenteerd
wij hadden geëxperimenteerd
jullie hadden geëxperimenteerd
zij hadden geëxperimenteerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal experimenteren
jij zult experimenteren
hij zal experimenteren
wij zullen experimenteren
jullie zullen experimenteren
zij zullen experimenteren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal geëxperimenteerd hebben
jij zult geëxperimenteerd hebben
hij zal geëxperimenteerd hebben
wij zullen geëxperimenteerd hebben
jullie zullen geëxperimenteerd hebben
zij zullen geëxperimenteerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou experimenteren
jij zou experimenteren
hij zou experimenteren
wij zouden experimenteren
jullie zouden experimenteren
zij zouden experimenteren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou geëxperimenteerd hebben
jij zou geëxperimenteerd hebben
hij zou geëxperimenteerd hebben
wij zouden geëxperimenteerd hebben
jullie zouden geëxperimenteerd hebben
zij zouden geëxperimenteerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
experimenteer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/experimenteren

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English