EN: to equivalue| Gerund |
| De Gerund is een ing-vorm die zelfstandig gebruikt kan worden. |
equivaluing
|
| Present simple (ott) |
| Tegenwoordige tijd zonder ing-vorm. |
I equivalue you equivalue he equivalues we equivalue you equivalue they equivalue
|
| Present perfect (vtt) |
| Have/has + voltooid deelwoord / voltooid tegenwoordige tijd. |
I have equivalued you have equivalued he has equivalued we have equivalued you have equivalued they have equivalued
|
| Past Simple (ovt) |
| Verleden tijd zonder �ing vorm |
I equivalued you equivalued he equivalued we equivalued you equivalued they equivalued
|
| Past perfect (vvt) |
| Had + voltooid deelwoord / voltooid verleden tijd |
I had equivalued you had equivalued he had equivalued we had equivalued you had equivalued they had equivalued
|
| Present future (ottt) |
| Toekomst. Shall / Will + hele werkwoord |
I will equivalue you will equivalue he will equivalue we will equivalue you will equivalue they will equivalue
|
| Present future perfect (vttt) |
| Shall / Will + have + voltooid deelwoord. Het wordt gebruikt om aan te geven dat iets is afgerond op een nader tijdstip in de toekomst. |
I will have equivalued you will have equivalued he will have equivalued we will have equivalued you will have equivalued they will have equivalued
|
| Past future (ovtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + inf. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
I would equivalue you would equivalue he would equivalue we would equivalue you would equivalue they would equivalue
|
| Past future perfect (vvtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + have + volt. dw. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
I would have equivalued you would have equivalued he would have equivalued we would have equivalued you would have equivalued they would have equivalued
|