NL: engagerenSynoniemen: aannemen, uitnodigen, verloven, inviteren
DE: engageren (uitnodigen): einladen, engagieren
EN: engageren (uitnodigen): invite, engage, invoke, begin, initiate, enlist, operationalize, call in
ES: engageren (uitnodigen): invitar, convidar
FR: engageren (uitnodigen): inviter, engager, embaucher, convier
U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
geëngageerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik engageer jij engageert hij engageert wij engageren jullie engageren zij engageren
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb geëngageerd jij hebt geëngageerd hij heeft geëngageerd wij hebben geëngageerd jullie hebben geëngageerd zij hebben geëngageerd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik engageerde jij engageerde hij engageerde wij engageerden jullie engageerden zij engageerden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had geëngageerd jij had geëngageerd hij had geëngageerd wij hadden geëngageerd jullie hadden geëngageerd zij hadden geëngageerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal engageren jij zult engageren hij zal engageren wij zullen engageren jullie zullen engageren zij zullen engageren
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal geëngageerd hebben jij zult geëngageerd hebben hij zal geëngageerd hebben wij zullen geëngageerd hebben jullie zullen geëngageerd hebben zij zullen geëngageerd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou engageren jij zou engageren hij zou engageren wij zouden engageren jullie zouden engageren zij zouden engageren
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou geëngageerd hebben jij zou geëngageerd hebben hij zou geëngageerd hebben wij zouden geëngageerd hebben jullie zouden geëngageerd hebben zij zouden geëngageerd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
engageer
|