| Vervoegen: elektrificeren |
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
| geëlektrificeerd |
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
| ik elektrificeer jij elektrificeert hij elektrificeert wij elektrificeren jullie elektrificeren zij elektrificeren |
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
| ik heb geëlektrificeerd jij hebt geëlektrificeerd hij heeft geëlektrificeerd wij hebben geëlektrificeerd jullie hebben geëlektrificeerd zij hebben geëlektrificeerd |
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
| ik elektrificeerde jij elektrificeerde hij elektrificeerde wij elektrificeerden jullie elektrificeerden zij elektrificeerden |
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
| ik had geëlektrificeerd jij had geëlektrificeerd hij had geëlektrificeerd wij hadden geëlektrificeerd jullie hadden geëlektrificeerd zij hadden geëlektrificeerd |
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
| ik zal elektrificeren jij zult elektrificeren hij zal elektrificeren wij zullen elektrificeren jullie zullen elektrificeren zij zullen elektrificeren |
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
| ik zal geëlektrificeerd hebben jij zult geëlektrificeerd hebben hij zal geëlektrificeerd hebben wij zullen geëlektrificeerd hebben jullie zullen geëlektrificeerd hebben zij zullen geëlektrificeerd hebben |
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
| ik zou elektrificeren jij zou elektrificeren hij zou elektrificeren wij zouden elektrificeren jullie zouden elektrificeren zij zouden elektrificeren |
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
| ik zou geëlektrificeerd hebben jij zou geëlektrificeerd hebben hij zou geëlektrificeerd hebben wij zouden geëlektrificeerd hebben jullie zouden geëlektrificeerd hebben zij zouden geëlektrificeerd hebben |
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
| elektrificeer |