Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

differentiëren vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: differentiëren
FR: différencier, opérer une distinction

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gedifferentieerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik differentieer
jij differentieert
hij differentieert
wij differentiëren
jullie differentiëren
zij differentiëren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gedifferentieerd
jij hebt gedifferentieerd
hij heeft gedifferentieerd
wij hebben gedifferentieerd
jullie hebben gedifferentieerd
zij hebben gedifferentieerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik differentieerde
jij differentieerde
hij differentieerde
wij differentieerden
jullie differentieerden
zij differentieerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gedifferentieerd
jij had gedifferentieerd
hij had gedifferentieerd
wij hadden gedifferentieerd
jullie hadden gedifferentieerd
zij hadden gedifferentieerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal differentiëren
jij zult differentiëren
hij zal differentiëren
wij zullen differentiëren
jullie zullen differentiëren
zij zullen differentiëren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gedifferentieerd hebben
jij zult gedifferentieerd hebben
hij zal gedifferentieerd hebben
wij zullen gedifferentieerd hebben
jullie zullen gedifferentieerd hebben
zij zullen gedifferentieerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou differentiëren
jij zou differentiëren
hij zou differentiëren
wij zouden differentiëren
jullie zouden differentiëren
zij zouden differentiëren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gedifferentieerd hebben
jij zou gedifferentieerd hebben
hij zou gedifferentieerd hebben
wij zouden gedifferentieerd hebben
jullie zouden gedifferentieerd hebben
zij zouden gedifferentieerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
differentieer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/differentiëren

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English