NL: detacherenSynoniemen: indelen, losmaken, tewerkstellen, gedetacheerd, scheiden, loswerken, loskrijgen, uitzenden
DE: das Entsenden
EN: the detaching
ES: el destacar, el destinar
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gedetacheerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik detacheer jij detacheert hij detacheert wij detacheren jullie detacheren zij detacheren
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gedetacheerd jij hebt gedetacheerd hij heeft gedetacheerd wij hebben gedetacheerd jullie hebben gedetacheerd zij hebben gedetacheerd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik detacheerde jij detacheerde hij detacheerde wij detacheerden jullie detacheerden zij detacheerden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gedetacheerd jij had gedetacheerd hij had gedetacheerd wij hadden gedetacheerd jullie hadden gedetacheerd zij hadden gedetacheerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal detacheren jij zult detacheren hij zal detacheren wij zullen detacheren jullie zullen detacheren zij zullen detacheren
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gedetacheerd hebben jij zult gedetacheerd hebben hij zal gedetacheerd hebben wij zullen gedetacheerd hebben jullie zullen gedetacheerd hebben zij zullen gedetacheerd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou detacheren jij zou detacheren hij zou detacheren wij zouden detacheren jullie zouden detacheren zij zouden detacheren
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gedetacheerd hebben jij zou gedetacheerd hebben hij zou gedetacheerd hebben wij zouden gedetacheerd hebben jullie zouden gedetacheerd hebben zij zouden gedetacheerd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
detacheer
|