NL: deprimerenSynoniemen: neerdrukken
DE: deprimieren
FR: déprimer, abattre
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gedeprimeerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik deprimeer jij deprimeert hij deprimeert wij deprimeren jullie deprimeren zij deprimeren
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gedeprimeerd jij hebt gedeprimeerd hij heeft gedeprimeerd wij hebben gedeprimeerd jullie hebben gedeprimeerd zij hebben gedeprimeerd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik deprimeerde jij deprimeerde hij deprimeerde wij deprimeerden jullie deprimeerden zij deprimeerden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gedeprimeerd jij had gedeprimeerd hij had gedeprimeerd wij hadden gedeprimeerd jullie hadden gedeprimeerd zij hadden gedeprimeerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal deprimeren jij zult deprimeren hij zal deprimeren wij zullen deprimeren jullie zullen deprimeren zij zullen deprimeren
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gedeprimeerd hebben jij zult gedeprimeerd hebben hij zal gedeprimeerd hebben wij zullen gedeprimeerd hebben jullie zullen gedeprimeerd hebben zij zullen gedeprimeerd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou deprimeren jij zou deprimeren hij zou deprimeren wij zouden deprimeren jullie zouden deprimeren zij zouden deprimeren
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gedeprimeerd hebben jij zou gedeprimeerd hebben hij zou gedeprimeerd hebben wij zouden gedeprimeerd hebben jullie zouden gedeprimeerd hebben zij zouden gedeprimeerd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
deprimeer
|