NL: depolitiseren U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gedepolitiseerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik depolitiseer jij depolitiseert hij depolitiseert wij depolitiseren jullie depolitiseren zij depolitiseren
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gedepolitiseerd jij hebt gedepolitiseerd hij heeft gedepolitiseerd wij hebben gedepolitiseerd jullie hebben gedepolitiseerd zij hebben gedepolitiseerd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik depolitiseerde jij depolitiseerde hij depolitiseerde wij depolitiseerden jullie depolitiseerden zij depolitiseerden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gedepolitiseerd jij had gedepolitiseerd hij had gedepolitiseerd wij hadden gedepolitiseerd jullie hadden gedepolitiseerd zij hadden gedepolitiseerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal depolitiseren jij zult depolitiseren hij zal depolitiseren wij zullen depolitiseren jullie zullen depolitiseren zij zullen depolitiseren
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gedepolitiseerd hebben jij zult gedepolitiseerd hebben hij zal gedepolitiseerd hebben wij zullen gedepolitiseerd hebben jullie zullen gedepolitiseerd hebben zij zullen gedepolitiseerd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou depolitiseren jij zou depolitiseren hij zou depolitiseren wij zouden depolitiseren jullie zouden depolitiseren zij zouden depolitiseren
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gedepolitiseerd hebben jij zou gedepolitiseerd hebben hij zou gedepolitiseerd hebben wij zouden gedepolitiseerd hebben jullie zouden gedepolitiseerd hebben zij zouden gedepolitiseerd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
depolitiseer
|