EN: to cosher| Gerund |
| De Gerund is een ing-vorm die zelfstandig gebruikt kan worden. |
coshering
|
| Present simple (ott) |
| Tegenwoordige tijd zonder ing-vorm. |
I cosher you cosher he coshers we cosher you cosher they cosher
|
| Present perfect (vtt) |
| Have/has + voltooid deelwoord / voltooid tegenwoordige tijd. |
I have coshered you have coshered he has coshered we have coshered you have coshered they have coshered
|
| Past Simple (ovt) |
| Verleden tijd zonder �ing vorm |
I coshered you coshered he coshered we coshered you coshered they coshered
|
| Past perfect (vvt) |
| Had + voltooid deelwoord / voltooid verleden tijd |
I had coshered you had coshered he had coshered we had coshered you had coshered they had coshered
|
| Present future (ottt) |
| Toekomst. Shall / Will + hele werkwoord |
I will cosher you will cosher he will cosher we will cosher you will cosher they will cosher
|
| Present future perfect (vttt) |
| Shall / Will + have + voltooid deelwoord. Het wordt gebruikt om aan te geven dat iets is afgerond op een nader tijdstip in de toekomst. |
I will have coshered you will have coshered he will have coshered we will have coshered you will have coshered they will have coshered
|
| Past future (ovtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + inf. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
I would cosher you would cosher he would cosher we would cosher you would cosher they would cosher
|
| Past future perfect (vvtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + have + volt. dw. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
I would have coshered you would have coshered he would have coshered we would have coshered you would have coshered they would have coshered
|