Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

corresponderen vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: corresponderen
Synoniemen: aansluiten, overeenkomen, overeenstemmen, schrijven, stroken

DE: korrespondieren
EN: correspond with, conform to
ES: corresponder a, concordar con, convenir, responder a, pactar, semejar, parecer
FR: correspondre à, être conforme à, concorder

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gecorrespondeerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik correspondeer
jij correspondeert
hij correspondeert
wij corresponderen
jullie corresponderen
zij corresponderen
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gecorrespondeerd
jij hebt gecorrespondeerd
hij heeft gecorrespondeerd
wij hebben gecorrespondeerd
jullie hebben gecorrespondeerd
zij hebben gecorrespondeerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik correspondeerde
jij correspondeerde
hij correspondeerde
wij correspondeerden
jullie correspondeerden
zij correspondeerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gecorrespondeerd
jij had gecorrespondeerd
hij had gecorrespondeerd
wij hadden gecorrespondeerd
jullie hadden gecorrespondeerd
zij hadden gecorrespondeerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal corresponderen
jij zult corresponderen
hij zal corresponderen
wij zullen corresponderen
jullie zullen corresponderen
zij zullen corresponderen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gecorrespondeerd hebben
jij zult gecorrespondeerd hebben
hij zal gecorrespondeerd hebben
wij zullen gecorrespondeerd hebben
jullie zullen gecorrespondeerd hebben
zij zullen gecorrespondeerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou corresponderen
jij zou corresponderen
hij zou corresponderen
wij zouden corresponderen
jullie zouden corresponderen
zij zouden corresponderen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gecorrespondeerd hebben
jij zou gecorrespondeerd hebben
hij zou gecorrespondeerd hebben
wij zouden gecorrespondeerd hebben
jullie zouden gecorrespondeerd hebben
zij zouden gecorrespondeerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
correspondeer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/corresponderen

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English