NL: condolerenDE: condoleren (medeleven betuigen): teilhaben, mitfühlen, bedauern, mitleiden, klagen, beklagen
EN: condoleren (medeleven betuigen): condole, sympathize, commiserate
ES: condoleren (medeleven betuigen): dar el pésame
FR: condoleren (medeleven betuigen): présenter ses condoléances, plaindre, déplorer, montrer de la sympathie, exprimer ses condoléances, faire preuve de sensibilité
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gecondoleerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik condoleer jij condoleert hij condoleert wij condoleren jullie condoleren zij condoleren
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gecondoleerd jij hebt gecondoleerd hij heeft gecondoleerd wij hebben gecondoleerd jullie hebben gecondoleerd zij hebben gecondoleerd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik condoleerde jij condoleerde hij condoleerde wij condoleerden jullie condoleerden zij condoleerden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gecondoleerd jij had gecondoleerd hij had gecondoleerd wij hadden gecondoleerd jullie hadden gecondoleerd zij hadden gecondoleerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal condoleren jij zult condoleren hij zal condoleren wij zullen condoleren jullie zullen condoleren zij zullen condoleren
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gecondoleerd hebben jij zult gecondoleerd hebben hij zal gecondoleerd hebben wij zullen gecondoleerd hebben jullie zullen gecondoleerd hebben zij zullen gecondoleerd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou condoleren jij zou condoleren hij zou condoleren wij zouden condoleren jullie zouden condoleren zij zouden condoleren
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gecondoleerd hebben jij zou gecondoleerd hebben hij zou gecondoleerd hebben wij zouden gecondoleerd hebben jullie zouden gecondoleerd hebben zij zouden gecondoleerd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
condoleer
|