NL: claimen U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
geclaimd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik claim jij claimt hij claimt wij claimen jullie claimen zij claimen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb geclaimd jij hebt geclaimd hij heeft geclaimd wij hebben geclaimd jullie hebben geclaimd zij hebben geclaimd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik claimde jij claimde hij claimde wij claimden jullie claimden zij claimden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had geclaimd jij had geclaimd hij had geclaimd wij hadden geclaimd jullie hadden geclaimd zij hadden geclaimd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal claimen jij zult claimen hij zal claimen wij zullen claimen jullie zullen claimen zij zullen claimen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal geclaimd hebben jij zult geclaimd hebben hij zal geclaimd hebben wij zullen geclaimd hebben jullie zullen geclaimd hebben zij zullen geclaimd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou claimen jij zou claimen hij zou claimen wij zouden claimen jullie zouden claimen zij zouden claimen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou geclaimd hebben jij zou geclaimd hebben hij zou geclaimd hebben wij zouden geclaimd hebben jullie zouden geclaimd hebben zij zouden geclaimd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
claim
|
NL: claimen U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
geclaimd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik claim jij claimt hij claimt wij claimen jullie claimen zij claimen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb geclaimd jij hebt geclaimd hij heeft geclaimd wij hebben geclaimd jullie hebben geclaimd zij hebben geclaimd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik claimde jij claimde hij claimde wij claimden jullie claimden zij claimden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had geclaimd jij had geclaimd hij had geclaimd wij hadden geclaimd jullie hadden geclaimd zij hadden geclaimd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal claimen jij zult claimen hij zal claimen wij zullen claimen jullie zullen claimen zij zullen claimen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal geclaimd hebben jij zult geclaimd hebben hij zal geclaimd hebben wij zullen geclaimd hebben jullie zullen geclaimd hebben zij zullen geclaimd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou claimen jij zou claimen hij zou claimen wij zouden claimen jullie zouden claimen zij zouden claimen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou geclaimd hebben jij zou geclaimd hebben hij zou geclaimd hebben wij zouden geclaimd hebben jullie zouden geclaimd hebben zij zouden geclaimd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
claim
|