NL: chinezen U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gechineesd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik chinees jij chineest hij chineest wij chinezen jullie chinezen zij chinezen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gechineesd jij hebt gechineesd hij heeft gechineesd wij hebben gechineesd jullie hebben gechineesd zij hebben gechineesd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik chineesde jij chineesde hij chineesde wij chineesden jullie chineesden zij chineesden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gechineesd jij had gechineesd hij had gechineesd wij hadden gechineesd jullie hadden gechineesd zij hadden gechineesd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal chinezen jij zult chinezen hij zal chinezen wij zullen chinezen jullie zullen chinezen zij zullen chinezen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gechineesd hebben jij zult gechineesd hebben hij zal gechineesd hebben wij zullen gechineesd hebben jullie zullen gechineesd hebben zij zullen gechineesd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou chinezen jij zou chinezen hij zou chinezen wij zouden chinezen jullie zouden chinezen zij zouden chinezen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gechineesd hebben jij zou gechineesd hebben hij zou gechineesd hebben wij zouden gechineesd hebben jullie zouden gechineesd hebben zij zouden gechineesd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
chinees
|